Sinds 1 september 2026 kunnen bedrijfsleiders zichzelf een iets hogere vergoeding toekennen voor binnenlandse dienstverplaatsingen.
Wie minstens zes uur onderweg is, kan voortaan € 22,08 per dag belastingvrij ontvangen als vergoeding voor maaltijdkosten. Wie (bijna) dagelijks op verplaatsing is, kan kiezen voor een maandforfait van € 353,28.
Ook de forfaitaire nachtvergoeding stijgt naar maximaal € 165,60 per nacht. Die regeling geldt voor bedrijfsleiders die via een vennootschap werken.
Opgelet: ofwel neem de vennootschap de hotelfactuur ten laste, ofwel kent de vennootschap een forfaitaire nachtvergoeding toe.
Deze kost is volledig aftrekbaar voor de vennootschap. De bedrijfsleider wordt er privé niet op belast.
Voor eenmanszaken moet nog steeds de effectieve kost bewezen worden.
Voor werknemers gelden andere RSZ-regels. Daarvoor bedraagt het aanvaarde forfait voor maaltijdkosten € 19 per dag. Bij een overnachting kan onder bepaalde voorwaarden een forfait van € 35 per nacht worden toegepast. De werkgever mag in de plaats ook de werkelijke kost vergoeden.
De nieuwe bedragen gelden vanaf 1 september 2026.